Nieuwsbrief Muzikale Verhalen (68)
Maart 2025
Beste lezer,
Mijn kleinzoon van 16 verraste me door de beginmaten van Clair de lune van Claude Debussy bij ons op de piano te spelen. Hij heeft géén pianoles, heeft thuis géén piano, hij kan géén noten lezen en er wordt géén klassieke muziek gedraaid. Hij had het op YouTube gehoord en op school geoefend, zei hij. Aansluitend vertelde hij dat de Arabesque nog veel mooier vond. Dat stuk - hij bedoelde no 1 - zou hij graag willen leren spelen...
Arabesque No 1 hoorde ik voor het eerst zo'n vijftig jaar geleden toen er een muzikaal stel uit Oostenrijk bij ons op bezoek kwam en de vrouw dit stuk moeiteloos speelde. Het maakte veel indruk op mij.
Claire de Lune heb ik een kleine dertig jaar geleden voor het eerst gehoord, uitgevoerd door de kunstenaarsgroep Elckerlyc, onder leiding van euritmiste Marieke Demon. Ook weer indrukwekkend!
Kortom, deze twee muziekstukken komen in deze nieuwsbrief centraal te staan.
Ik wens u veel lees- en luisterplezier!
Imke Jelle van Dam
Ingezonden bericht van componist Marc van Delft
"Ik wilde melden dat op 5 april de fanfare uit Hattem 5 stukken van mij gaat spelen, o.a. de NLse première van mijn nieuwe stuk: ERA NOVA, waarin ik mijn hoop en verwachting en mijn oproep aan de tijdgeest Jupiter-Zachariel verklankte dat er een nieuw en beter tijdperk zou aanbreken... Het is een heroïsche overwinningsmars in Es groot.
Aardig is ook dat ze ook een aantal stukken van mij spelen die min of meer in de stijl van de lichte muziek zijn, een muziekstijl waar jij meer in thuis bent. De werken 'Rockexplosion' en '3 dance movements'...
En als uitsmijter spelen ze misschien ook de muzikale grap:
'Little House Music'..."
Zie voor meer info: www.marcvandelft.nl/menu36.html
Inhoudsoverzicht
Info bekostiging maandelijkse nieuwsbrief
Mocht u iemand kennen die mogelijk ook interesse heeft in deze nieuwsbrief, dan wordt het op prijs gesteld als u deze met begeleidend schrijven doorstuurt. Men kan zich dan zelf kosteloos abonneren (info).
Concertagenda
Antrovista actualiseert (bijna) dagelijks de concertagenda.
Overzicht concerten en muziekcursussen
naar boven
Arabesque No. 1
Andantino con moto
Arabesque No. 1 is de eerste van de twee Arabesques die Claude Debussy (1862 – 1918) tussen 1888 en 1891 componeerde voor piano solo. Het stuk behoort tot zijn vroegere werken en toont zijn overgang van de romantische naar de impressionistische stijl. Het stuk is geschreven in E majeur, met een lichte, vloeiende en dromerige melodie. Het heeft een rubato-achtig ritme, wat het een vrije en expressieve klank geeft. De harmonieën en parallelle akkoorden tonen al Debussy’s latere impressionistische stijl. De muziek roept een natuurlijke, bijna waterachtige beweging op, typisch voor Debussy’s schilderachtige klanklandschappen. De naam Arabesque verwijst naar een sierlijke, vloeiende vorm, zowel in muziek als in beeldende kunst. De compositie is een van Debussy’s meest gespeelde en geliefde pianowerken. De melodie wordt vaak gebruikt in films, reclames en andere media vanwege zijn dromerige en serene sfeer.
[Bron: ChatGPT]
naar boven
Clair de lune
Clair de Lune (Frans voor "Maanlicht") is een van de bekendste pianostukken van Claude Debussy (1862 – 1918). Het is het derde deel van zijn Suite Bergamasque, een vierdelige pianosuite die hij rond 1890 begon en pas in 1905 publiceerde. De titel is geïnspireerd door het gelijknamige gedicht Clair de Lune van de Franse dichter Paul Verlaine, waarin een dromerige en melancholische sfeer wordt opgeroepen. Het stuk is impressionistisch, hoewel Debussy zelf dat label vermeed, en roept beelden op van zacht maanlicht en stille wateren. De compositie is geschreven in Des majeur, een toonsoort die vaak wordt geassocieerd met warmte en romantiek. Het tempoaanduiding Andante très expressif benadrukt de lyrische, bijna zangerige kwaliteit. Het contrast tussen de fluisterzachte akkoorden en de expressieve climax geeft het stuk een emotionele diepgang. Clair de Lune is een van de meest geliefde en herkenbare klassieke pianostukken. Het wordt gebruikt in talloze films en media, waaronder Ocean’s Eleven en Twilight.
[Bron: ChatGPT]
Luistervoorbeelden Suite bergamasque
Luistervoorbeelden Claire de Lune
naar boven
Beethoven - Een biografie (23)
[Bron: Een Biografie van Ludwig van Beethoven (1770–1827) door Jan Caeyers]
Lobkowitz gaf Beethoven een opdracht tot het schrijven van zes strijkkwartetten. Een set van drie kwartetten was na minder dan een jaar klaar. In juni 1799 werden de partituren gekopieerd, waarvan Beethoven er één (het Kwartet in F) aan zijn vriend Amenda meegaf toen die naar Kurland vertrok. In oktober werden deze drie kwartetten bij Lobkowitz afgeleverd en Beethoven kreeg een betaling van 200 gulden. Er volgde een korte pauze van enkele weken, waarna het werk aan de tweede reeks gestaag vorderde. Toen Beethoven hiermee klaar was, in de zomer van 1800, was hij plotseling niet meer tevreden met de eerste kwartetten. Tijdens het werk aan de tweede cyclus had hij zijn techniek verfijnd en zijn visie dusdanig verdiept dat hij zijn eerstelingen onvoldragen vond. Beethoven moest en zou ze herschrijven, al kostte het hem enkele maanden extra werk. In oktober kon Beethoven dan eindelijk de volledige cyclus aan Lobkowitz overhandigen, inclusief de nieuwe versie van de eerste drie kwartetten. Hij ontving vrijwel onmiddellijk een tweede betaling van 200 gulden.
naar boven
Gids voor orkestmuziek over Mozart (1756-1791)
Op alle gebieden van de muziekkunst heeft Mozart meesterwerken geschreven: symfonieën, sonaten, concerten, kamermuziek, opera's - een totaal van 626 - en dat in een levensperiode van 35 jaar! Hij was een wonderkind en bezat niet alleen een fenomenaal speeltalent voor piano èn voor viool, doch tevens een ongelooflijke scheppende kracht. Heel jong reeds maakte hij grote kunstreizen en vertolkte zijn eigen werken aan alle vorstenhoven van Europa.
Zijn muziek is een weerspiegeling van de eeuw van het rococo. Ze staat eigenlijk apart tussen en langs de lijn Haydn-Beethoven. Alles wat in die periode gedacht, gevoeld en beleefd is weerklinkt uit zijn kunst. Hij creëert geen nieuwe vorm en geen nieuwe stijl, bouwt ook niet verder: hij kiest en vat samen. Eén grote stroom van zuiver levensgevoel, van diep geluk, ook van duistere hartstocht. Hij maakt geen muziek, hij is muziek. Dàn is ze een wereld van koele, apollinische schoonheid, van abstracte klank, vorm, timbre en kleur, elders dringen subjectieve krachten in die vorm, menselijk hartstochtelijk pathos. Uit de sierkunst van het rococo, de 'galante stijl', klinkt de weemoed die ieder mens vergezelt op zijn levensweg: de hunkering naar paradijs en hemel. Die neerslag van het gemoedsleven, de gemoedservaring, is niet opzettelijk of bewust aangewend. Mozart was geen romanticus die met zijn gevoel te koop liep. Voor buitenmuzikale invloeden was hij alleen toegankelijk wanneer het dansvormen betrof, of een tekst welke hem tot het scheppen van een lied, aria, cantate, hymne, mis of opera inspireerde. Hij kon in alle gangbare nationale muziekstijlen van de 18e eeuw schrijven. Zijn muziek is niet enkel Duits of Italiaans of Frans. Ze is universeel, ze reikt over alle begrenzingen. Mozart was Europeaan omdat in zijn muziek alle elementen der Westerse cultuurlanden zijn opgenomen: de Duits-Germaanse ernst, strengheid, vormkracht, innigheid en 'Musikfreude', de Italiaanse cantabiliteit en polyfone denkwijze, de Franse charme en klaarheid. Die universaliteit is duidelijker nog bij de vraag of hij groter is als vocale of instrumentale componist. Die vraag kan men bij alle muzikale coryfeeën stellen en beantwoorden. Bij Mozart niet. Bij hem is het volkomene op de verschillende gebieden niet te vergelijken. Misschien was hij van nature een dramaticus. In zijn opera's beeldde hij muzikaal de ingewikkeldste karakters treffend uit; hij schreef fabelachtig geconstrueerde fuga's, virtuoze cadensen in zijn pianoconcerten. Maar hij componeerde ook de simpelste wijsjes en melodietjes voor de eenvoudige en de gemiddelde muziekliefhebber. Wie kent niet het wonderlijk mooie thema, de heerlijke melodie in de omvang van slechts vijf tonen, waarop hij de verrukkelijke variatiereeks in de Pianosonate in A-groot heeft gemaakt?
De geheimzinnige letters en cijfers die bij de titels van Mozarts werken staan, zullen wel enige opheldering vereisen. Welnu, de componisten uit de romantische periode (sommigen deden het eerder) begonnen hun werken te nummeren met het bekende 'opus ... ', dus: werk no. zoveel. Mozart deed dat nog niet, en een Duits musicoloog, Ludwig Ritter von Köchel heeft zich verdienstelijk gemaakt door in 1862 de 'Chronologisch-thematische Verzeichnis sämtlicher Tonwerke W. A. Mozart's' te publiceren. Vandaar: Köchel- Verzeichnis (K.V.) ofwel Köchel-indeling met een totaalcijfer van 626.
Mozart - Pianosonate in A-groot
naar boven
Gids voor orkestmuziek (41): Mozart (1)
Symfonie no. 35 in D (K.V. 385), 'Haffner' (1782; 18 min.)
Allegro con spirito - Andante - Menuetto - Presto
Evenals bij Haydn, die meer dan honderd symfonieën schreef die dus moeilijk uit elkaar te houden waren, hebben sommige symfonieën van Mozart bijnamen. De Haffner-symfonie is er een voorbeeld van. In 1782, toen Mozart met zijn opera Die Entführung aus dem Serail bezig was, kreeg hij van de familie Haffner het verzoek een symfonie te schrijven ter gelegenheid van een feest. Reeds eerder had hij een serenade gecomponeerd en ook dit nieuwe werk ontwierp hij in dezelfde vorm met een mars als inleiding voor het eerste deel, plus twee menuetten, waarvan er een is verloren gegaan. Eigenlijk is het stuk een herschrijving, er komen veel herinneringen in voor aan andere werken. Door weglating van de mars en van een menuet verkreeg hij de vier gebruikelijke satzen van de symfonie. Maar ondanks Mozarts veranderingen draagt het werk toch het stempel van de serenade: speels-opgewekt van karakter, licht en dansachtig van bouw en ritme. Alleen de unisono-inzet heeft als hoofdmotief een ernstig, gewichtig thema; maar dat is dan ook het enige markante thema van de zgn. hoofdvorm waarin de eerste delen van symfonieën, concerten enz. worden geschreven. En hier heeft het iets feestelijks en het is aanleiding tot een rijke verwerking. Het dringt zich bovendien steeds naar voren, en dat komt omdat er geen contrasterend tweede thema voorhanden is. Ook daaruit blijkt duidelijk de serenade-opzet. Het is stellig een fris en levendig deel maar geen 'zingend allegro'. Het andante, sierlijk van melodische lijn, verloopt van een idyllisch begin tot een nogal dramatische climax. Het menuet lijkt in structuur op, en vertoont opmerkelijke verwantschap met het overbekende menuet uit de grote Es-dur-symfonie. Het presto is een rondo, een soort rondedans met refrein. Het hoofdthema herinnert sterk aan een aria uit Die Entführung.
Symfonie no. 35 in D (K.V. 385), 'Haffner'
naar boven
Die Matthäus Passion (24)
Auteur: Lou van Strien (1899-1944)
Vorige delen van deze maandelijkes feuilleton zijn verzameld in één document.
De musicologie, welke in het begin der twintigste eeuw als wetenschap haar arbeid van onderzoek en ontdekking aanvangt, brengt tenslotte ook voor de kunst van Bach's tijd de erkenning. Zij heeft aangetoond dat de muziekpraktijk der zeventiende en achttiende eeuw op andere bases rustte dan de concert-usances der volgende eeuw, dat de instrumenten van dien tijd geen minderwaardige curiosa waren, maar wel degelijk het uitvloeisel van den tijdgeest en dat een werkelijke herleving van Bach's kunst en die van zijn voorgangers en tijdgenooten alleen zin kan hebben, indien de innerlijke voorschriften dezer kunst in acht genomen worden. Diepgaande muziekhistorische onderzoekingen hebben voorts de wijze van uitvoering in Bach's dagen aan het licht gebracht. En naar mate men deze theoretische kennis in praktijk ging omzetten, bleek ook hoezeer de muziek met deze nieuwe opvattingen was gediend: eerst thans onthulde de oude kunst haar volle, luisterrijke schoonheid. Wat Bach's Matthaeuspassie aangaat - dank zij de ontdekkingen der musicologie gaat men in onze dagen meer en meer inzien dat alleen de complete vertolking de geniale architectonische schoonheden van dit machtige werk kan onthullen en dat ook de strikte eerbiediging van Bach's eischen inzake bezetting en instrumentatie alleen in staat is deze muziek haar eigen, persoonlijke glans te verleenen. Het religieuze karakter van de Matthaeuspassie - en eigenlijk van alle muziek welke de Thomascantor schreef, onverschillig of zij instrumentaal dan wel vocaal werd geconcipieerd - wordt thans ook meer dan ooit erkend en bij menige uitvoering gerespecteerd. Zelfs zijn er pogingen gedaan het werk zijn oorspronkelijke bestemming terug te geven en het dus in zijn liturgische functie te herstellen. In hoeverre die pogingen voor de toekomst van waarde zullen blijken, zal afgewacht moeten worden, voorloopig is er op praktische gronden aan zulk een eerherstel nog niet goed te denken. Daarvoor bestaat er een àl te groot en innerlijk-diepgaand verschil tusschen de liturgische opvattingen in Bach's tijd en in onze dagen. Een kerkdienst van drie à vier uur was in het Leipzig van 's meesters tijd niets buitengewoons en op zulk een duur is Bach's kerkmuziek dan ook berekend. Maar zelfs daarmede rekening houdende, valt de integrale Matthaeuspassie toch nog ver buiten dit kader, waar zij alleen reeds drie en een half uur in beslag neemt. Tenslotte heeft de meester bij zijn uiteindelijke conceptie ook geen enkele rekening meer gehouden met de eischen van de kerkdienst, zooals hierboven reeds werd uiteengezet.
(Volgende deel en tevens het slot van deze feuilleton in de komende nieuwsbrief)
naar boven